Op deze pagina staan de cijfers van de indicatoren 'Beschikken over gedragsregels', 'Aandeel sportverenigingen met een vertrouwenscontactpersoon', 'Aandeel sportaanbieders met een beleid om VOG aan te vragen voor bestuursleden, trainers en coaches' en 'Beleid voor het volgen van een pedagogisch e-learing/cursus of trainersopleiding voor trainers/coaches'. Deze indicatoren worden gebruikt voor het monitoren van het thema Sociaal veilige sport van het Sportakkoord II.

De vier basiseisen (4V's) voor sociale veiligheid

Het hebben van gedragsregels, een vertrouwenscontactpersoon en het voeren van een beleid om een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) te vragen aan kaderleden, vormden tot en met 2022 de drie basiseisen voor sociale veiligheid. Eind 2023 is er een nieuwe indicator aan toegevoegd: 'het hebben van een beleid voor het volgen van een pedagogisch e-learing/cursus of trainersopleiding voor trainers/coaches'. Gezamenlijk vormen deze indicatoren nu de vier basiseisen voor sociale veiligheid op sportclubs (4V’s). Het streven vanuit het nationaal sportakkoord is dat iedere vereniging met jeugdleden aan de vier V’s voor sociale veiligheid voldoet. 

Cijfers van de indicatoren

Landelijke cijfers

Sla de grafiek 'Verenigingen die voldoen aan de vier basiseisen voor sociale veiligheid, 2019-2024' over en ga naar de datatabel

Steeds meer sportverenigingen voldoen aan de basiseisen voor sociale veiligheid

In 2024 voldoet ruim een derde van de verenigingen aan de eerste drie basiseisen voor sociale veiligheid (36%). Sinds 2015 is het percentage dat voldoet aan de eerste drie basiseisen toegenomen. 16 procent van de verenigingen voldoet aan alle vier de basiseisen. 

Driekwart van de verenigingen beschikt over gedragsregels voor sociale veiligheid (76%). De helft van de sportverenigingen had in 2024 een vertrouwenscontactpersoon (57%) en ook had de helft een beleid rond een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) voor medewerkers (49%). Een kwart van de verenigingen beschikt over beleid rondom het volgen van een pedagogisch e-learing/cursus of trainersopleiding voor trainers/coaches (24%). Hiervan gaf 6% aan dit beleid te hebben ingevoerd in het seizoen ‘23/’24 of later. Aangezien deze maatregel later aan de vier basiseisen zijn toegevoegd, zijn hierover geen eerdere cijfers bekend. 

Verenigingen met jeugdleden

Sla de grafiek 'Verenigingen die voldoen aan de vier basiseisen voor sociale veiligheid' over en ga naar de datatabel

Een kwart van verenigingen met jeugdleden voldoet aan alle basiseisen

De helft van de verenigingen met jeugdleden voldoet in 2024 aan de eerste drie basiseisen voor sociale veiligheid (53%). Bijna een kwart (24%) voldoet aan alle vier de basiseisen. Van de verenigingen met jeugdleden beschikte in 2024 81% over gedragsregels, 70% had een vertrouwenscontactpersoon, en ook had 66% een beleid rond een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG). 33% heeft een beleid om trainers/coaches hier gericht in op te leiden. In het Sportakkoord is er extra aandacht voor de jeugd op dit thema.

Meer informatie

Monitoring Sportakkoord II

De indicator op deze pagina wordt gebruikt om de voortgang van het Sportakkoord II (SAII) te monitoren. Het RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu) brengt lange-termijn-indicatoren in beeld, waarbij een verandering op de lange-termijn beoogd wordt. Deze cijfers kunnen niet direct worden verbonden aan de acties van het SAII, maar geven wel inzicht in de context van het thema. Voor een overzicht van alle thema’s en de bijbehorende indicatoren, zie de webpagina Monitoring Sportakkoord II of de publicatie Lange-termijn-indicatoren voor monitoring van Sportakkoord II.

Het thema Sociaal veilige sport van het sportakkoord gaat over het veilig en verantwoord organiseren van sport. Het doel is dat iedereen veilig en met plezier kan sporten en sport kan beleven. Op deze pagina staan de indicatoren die worden gebruikt om dit thema te monitoren.