Het nationale sportakkoord omvat een aantal thema's. De voortgang op het thema 'Inclusief sporten en  bewegen' wordt gemonitord aan de hand van onderstaande indicatoren:

 

Beweegrichtlijnen

Overzicht

Cijfers over de indicator beweegrichtlijnen worden hieronder gepresenteerd voor de  totale Nederlandse bevolking, per gemeente en per doelgroep (geslacht, leeftijd, opleiding, herkomst, chronische aandoening, fysieke beperking, seksuele voorkeur en huishoudinkomen). Voldoen aan de beweegrichtlijnen is ook één van de 20 kernindicatoren sport en bewegen. 

Cijfers per doelgroep

Onderstaande grafiek presenteert het voldoen aan de beweegrichtlijnen voor de totale bevolking.  Klik  op de legenda onderaan de figuur om uitsplitsingen naar geslacht, leeftijd, opleiding, herkomst, chronische aandoening, fysieke beperking, seksuele voorkeur en huishoudinkomen te bekijken.  

12 jaar en ouder

Sla de grafiek over en ga naar de datatabel

Huidige situatie

In 2019 voldoet bijna de helft van de algemene Nederlandse bevolking van 4 jaar en ouder aan de beweegrichtlijnen. Kinderen (4 t/m 11 jaar) en hoger opgeleiden  voldoen vaker aan de beweegrichtlijnen. Jongeren (12 t/m 17 jaar), ouderen (65 jaar en ouder ouder), lager opgeleiden, mensen met een lichamelijke beperking (motorisch, auditief, visueel) en mensen met een niet-westerse migratieachtergrond voldoen minder vaak aan de beweegrichtlijnen.

Trend over tijd

In de afgelopen twee decennia  is er een licht stijgende trend te zien in het percentage van de algemene Nederlandse bevolking dat voldoet aan de beweegrichtlijnen.  Met name ouderen en hoger opgeleiden zijn meer gaan bewegen in de periode 2001 tot en met 2019.

Bron:  CBS-Gezondheidsenquête (2001-2013), Gezondheidenquête/LeefstijlmonitorCBSCentraal Bureau voor de Statistiek  i.s.m het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu  (2014-2019). 
Methode: Deze informatie is te vinden op de methode pagina
Nieuwe cijfers: 2021

Beweegrichtlijnen uitgesplitst naar achtergrondkenmerken 2001-2018

Cijfers per gemeente

Beweegrichtlijnen gemeentekaart

 

 

 

Tekst naast gemeentefiguur

Gemeenten die het meest voldoen aan de Beweegrichtlijnen verspreid over het land

De gemeenten waar het meest wordt voldaan aan de beweegrichtlijnen liggen verspreid over het land, zonder een duidelijk patroon. In Zuid-Limburg en Noordoost-Groningen is een clustering te zien van gemeenten met een laag percentage dat voldoet aan de beweegrichtlijnen. Gemiddeld gezien voldoet 51,7% van de bevolking van 19 jaar en ouder aan de beweegrichtlijnen. 

De interactieve kaart met de cijfers van elke gemeente is hier te vinden.
De interactieve kaart met de cijfers op wijkniveau is hier te vinden.

 

Gerelateerde kaarten:
Voldoen aan  beweegrichtlijnen op wijk- en buurtniveau
Fietsgebruik op afstanden <7,5 km per gemeente

Hoe scoort uw gemeente?

In onderstaande tabel 'Cijfers per gemeente' kunt u uw eigen gemeente opzoeken en vergelijken met andere gemeentes met een vergelijkbaar inwoneraantal en zelfde stedelijkheidsgraad. Klik hier voor een totaaloverzicht van indicatoren  (inclusief uitsplitsingen) met gemeentecijfers.

Tabel: Cijfers per gemeente
Gemeentenaam Beweegrichtlijnen (%) Vergelijkbaar aantal inwoners (%) Vergelijkbaar stedelijkheidsgraad (%)

Wekelijkse sportdeelname

Overzicht

Cijfers over de indicator wekelijkse sportdeelname worden hieronder gepresenteerd voor de  totale Nederlandse bevolking, per gemeente en per doelgroep (geslacht, leeftijd, opleiding, herkomst, chronische aandoening, fysieke beperking, seksuele voorkeur en huishoudinkomen). Daarnaast wordt verdiepende informatie over het verband (limaatschap sportvereniging en/of abonnement sportaanbieder) waarin wekelijkse sporters sporten gepresenteerd. Wekelijkse sportdeelname is ook één van de 20 kernindicatoren sport en bewegen. 

Cijfers per doelgroep

Onderstaande grafiek presenteert de wekelijkse sportdeelname voor de totale bevolking.  Klik  op de legenda onderaan de figuur om uitsplitsingen naar geslacht, leeftijd, opleiding, herkomst, chronische aandoening, fysieke beperking, seksuele voorkeur en huishoudinkomen te bekijken.  

12 jaar en ouder

Sla de grafiek over en ga naar de datatabel

Huidige situatie

In 2019 deed ruim de helft van de Nederlanders van 4 jaar en ouder tenminste  één keer per week aan sport.  Kinderen (4 t/m 12 jaar), jongeren (12 t/m 17 jaar) en hoger opgeleiden  sporten vaker wekelijks.  Ouderen (65 jaar en ouder ouder), lager opgeleiden, mensen met een lichamelijke beperking (motorisch, auditief, visueel)  en/of chronische aandoening en mensen met een niet-westerse migratieachtergrond sporten minder vaak wekelijks.

Trend over tijd

In de afgelopen twee decennia bleek het percentage van de algemene Nederlandse bevolking dat één keer per week of vaker aan sport relatief stabiel. Dit geldt echter niet voor alle groepen binnen de bevolking. Voor met name ouderen en hoger opgeleiden is een stijgende trend te zien in het aandeel wekelijkse sporters in de periode 2001 tot en met 2019. Jongeren lieten een een dalende trend zien.

Bron:  CBS-Gezondheidsenquête (2001-2013), Gezondheidenquête/LeefstijlmonitorCBSCentraal Bureau voor de Statistiek  i.s.m het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu  (2014-2019).
Methode: Deze informatie is te vinden op de methode pagina
Nieuwe cijfers: 2020

Wekelijkse sportdeelname uitgesplitst naar achtergrondkenmerken 2001 - 2018

Cijfers per gemeente

Wekelijkse sporter

Tekst naast figuur sportdeelname

Gemeenten met de hoogste sportdeelname verspreid over het land

De gemeenten waar de sportdeelname het hoogst is, liggen verspreid over het land, zonder een duidelijk patroon. In Noordoost-Groningen is een groot cluster van gemeenten te zien met een laag percentage wekelijkse sporters. In Nederland doet gemiddeld 51,3% van de bevolking van 19 jaar en ouder minstens één keer per week aan sport.

De interactieve kaart met de cijfers van elke gemeente is hier te vinden.
De interactieve kaart met de cijfers op wijkniveau is hier te vinden.

 

Gerelateerde kaarten:
Wekelijkse sportdeelname op wijk- en buurtniveau
Sportief wandelen per gemeente
- Hardlopen per gemeente
- Wielrennen per gemeente
- Fitness per gemeente

Hoe scoort uw gemeente?

In onderstaande tabel 'Cijfers per gemeente' kunt u uw eigen gemeente opzoeken en vergelijken met andere gemeentes met een vergelijkbaar inwoneraantal en zelfde stedelijkheidsgraad. Klik hier voor een totaaloverzicht van indicatoren  (inclusief uitsplitsingen) met gemeentecijfers.

Cijfers per gemeente
Gemeentenaam Sportdeelname wekelijks (%) Vergelijkbaar aantal inwoners (%) Vergelijkbaar stedelijkheidsgraad (%)

Verband waarin wordt gesport

Sla de grafiek over en ga naar de datatabel

Drie op de vier wekelijkse sporters heeft een lidmaatschap en/of abonnement

In 2018 had drie kwart van de wekelijkse sporters een lidmaatschap bij een sportverenigingen en/of een abonnement bij een sportaanbieder. Dit neemt af met de leeftijd. Wekelijks sportende kinderen en jongeren zijn voornamelijk lid van een sportvereniging(72% en 67%) . Wekelijks sportende volwassenen en ouderen hebben vaker een abonnement bij een sportaanbieder (39% en 34%). 

 

Bron:  Gezondheidenquête/LeefstijlmonitorCBSCentraal Bureau voor de Statistiek  i.s.m het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu  2018.
Methode: Deze informatie is te vinden op de methode pagina
Nieuwe cijfers: 2020

Clublidmaatschap

Overzicht

Cijfers over de indicator clublidmaatschap worden hieronder gepresenteerd op basis van twee bronnen. Per gemeente aan de hand van cijfers van sportbonden en per doelgroep (geslacht, leeftijd, opleiding, herkomst, chronische aandoening, fysieke beperking, seksuele voorkeur en huishoudinkomen) op basis van de Vrijetijdsomnibus. Clublidmaatschap (op basis van de Vrijetijdsomnibus) is ook  één van de 20 kernindicatoren sport en bewegen.

Cijfers naar doelgroep

Onderstaande grafiek presenteert clublidmaatschap voor de totale bevolking.  Klik  op de legenda onderaan de figuur om uitsplitsingen naar geslacht, leeftijd, opleiding, herkomst, chronische aandoening, fysieke beperking, seksuele voorkeur en huishoudinkomen te bekijken.  

Clublidmaatschap VTO

Sla de grafiek over en ga naar de datatabel

Huidige situatie

In 2018 gaf 28% van de Nederlandse bevolking van 6 jaar en ouder aan lid te zijn van een sportvereniging.  Jongeren (<20 jaar), mannen, hogeropgeleiden, heteroseksuelen en personen uit een huishouden met een hoger besteedbaar komen zijn vaker lid. Volwassenen (20 jaar en ouder), vrouwen, lager opgeleiden,  mensen met een lichamelijke beperking , LHB-ers en personen uit een huishouden met een lager besteedbaar inkomen zijn minder vaak lid van een sportvereniging.

Trend over de tijd

Tussen 2012 en 2018 is er een licht dalende trend te zien in clublimaatschap in de totale bevolking  Dit was met name het geval binnen de leeftijdsgroepen 12 t/m 19 en 20 t/m 34.

Bron: Vrijetijdsomnibus (VTO) SCPSociaal Cultureel Planbureau  in samenwerking met het CBSCentraal Bureau voor de Statistiek , 2012-2018.
Methode: Zie webpagina kernindicator 'Clublidmaatschap'
Nieuwe cijfers: 2021

Kernindicator Clublidmaatschap naar achtergrondkenmerken 2012-2018

Clublidmaatschap

Tekst clublidmaatschap

Ruim 4 miljoen sportbondleden in 2018

In 2018 waren 4,3 miljoen mensen lid van één of meer van de 75 bij NOC*NSFNederlands Olympisch Comité * Nederlandse Sport Federatie aangesloten sportbonden. Gemiddeld was 25% van de Nederlandse bevolking lid van één of meerdere sportbonden. Mensen met meerdere lidmaatschappen tellen maar één keer mee. 

Naarmate de leeftijd stijgt neemt het aantal leden af

Van alle 0 tot 10-jarigen is 23% lid (van de 5 tot 10-jarigen is dit 41%); 10 tot 25-jarigen: 45%; 25 tot 45-jarigen: 22%; 45 tot 65-jarigen: 22% en van alle 65-plussers is 17% lid.

De interactieve kaart met de cijfers van elke gemeente is hier te vinden.

Gerelateerde kaarten:
- Atletiek per gemeente
- Golf per gemeente
- Gymnastiek per gemeente
- Hockey per gemeente
- Paardensport per gemeente
- Sportvissen per gemeente
- Tennis per gemeente
- Voetbal per gemeente
- Volleybal per gemeente
- Zwemmen per gemeente

Bron: NOC*NSF, 2018
Methode: Klik hier voor meer informatie over de methode.
Nieuwe cijfers: 2020

Hoe scoort uw gemeente?

In onderstaande tabel 'Cijfers per gemeente' kunt u uw eigen gemeente opzoeken en vergelijken met andere gemeentes met een vergelijkbaar inwoneraantal en een zelfde stedelijkheidsgraad. Klik hier voor een totaaloverzicht van indicatoren  (inclusief uitsplitsingen) met gemeentecijfers.

Cijfers per gemeente

Gemeentenaam Clublidmaatschap (%) Vergelijkbaar stedelijkheidsgraad (%) Vergelijkbaar huishoudinkomen (%)

Thuis voelen bij sportaanbieders

Op gemak voelen alle cijfers in één grafiek

Sla de grafiek over en ga naar de datatabel

Sporters voelen zich op gemak bij sportaanbieders

In 2019 gaven sporters van 4 jaar en ouder de sportaanbieder waarbij zij sportte een ruime voldoende (8,6) op de vraag of zij zich op hun gemak voelden. Er was nauwelijks verschil tussen het cijfer dat aan verenigingen werd gegeven (8,7) en aan andere sportaanbieders (8,5). Onder andere sportaanbieder wordt bijvoorbeeld verstaan een fitnesscentrum, dansschool of zwembad. Uitsplitsing naar subgroepen als geslacht, leeftijd en opleidingsniveau laat hetzelfde stabiele beeld zien.

BronLSM-A Bewegen en Ongevallen/LeefstijlmonitorRIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, VeiligheidNL in samenwerking met CBSCentraal Bureau voor de Statistiek, 2019
Methode: De vraag of men zich op zijn/haar gemak voelt bij een vereniging of andere sportaanbieder is gesteld aan alle respondenten die aangaven wekelijks of vaker aan sport te doen bij een vereniging of andere sportaanbieder. Antwoorden werden gegeven op een schaal van 1 tot 10. Meer informatie is te vinden op de methode pagina.
Nieuwe cijfers: 2022

Aandacht bij sportverenigingen voor mensen die belemmeringen ervaren om te (gaan) sporten en bewegen

Aandacht bij activiteiten voor mensen die belemmeringen ervaren

Het uitvoeren van activiteiten voor kwetsbare doelgroepen door verenigingen in 2016 en 2018 (

Sla de grafiek over en ga naar de datatabel

Meer activiteiten georganiseerd voor kwetsbare groepen

In 2018 voerde één op de vijf verenigingen (19%) activiteiten uit voor kwetsbare doelgroepen zoals mensen met een beperking, lage inkomensgroepen en personen met een (niet-westerse) migratie achtergrond. Het lijkt er op dat tenminste een deel van de verenigingen die in 2016 op korte termijn van plan waren activiteiten voor ‘kwetsbare’ groepen te realiseren, dit in 2019 ook gerealiseerd heeft

Bron: Verenigingspanel  2016 en winter 2018/2019, Mulier Instituut
Methode: Aan de sportverenigingen in het verenigingspanel is gevraagd of zij aandacht besteden bij het uitvoeren van activiteiten voor kwetsbare doelgroepen.  Meer informatie over het verenigingspanel is hier te vinden.
Nieuwe cijfers: najaar 2020

Aandacht in beleid voor mensen die belemmeringen ervaren

Aandacht in beleid bij sportverenigingen voor mensen die belemmeringen ervaren om te sporten en bewegen wordt in 2020 voor het eerst bij verenigingen uitgevraagd. De resultaten worden in het najaar van 2020 verwacht.

Inzet buurtsportcoaches

Buurtsportcoaches, combinatiefunctionarissen en cultuurcoaches maken onderdeel uit van de Brede Regeling Combinatiefuncties. Ze stimuleren sporten, bewegen en/of deelnemen aan cultuur en verbinden verschillende sectoren. In 2019 waren er in 347 (van de 355) gemeenten buurtsportcoaches werkzaam. In totaal gaat het om ruim 3600 fte. Buurtsportcoaches hebben een rol in de uitvoering van de ambities binnen de thema's van het Nationaal Sportakkoord.

Informatie over de inzet van buurtsportcoaches is afkomstig uit drie bronnen:

  • Een panel van sport- en cultuurcoaches (het buurtsportcoachpanel (n=100))            
  • Een panel van Nederlandse gemeenten (het VSG-gemeentepanel (n=133))
  • De Monitor Brede Regeling Combinatiefuncties 2019 waarin alle aan de regeling deelnemende gemeenten vertegenwoordigd zijn (n=345)

Vanwege het kleine aantal gemeenten in het buurtsportcoach- en VSG-gemeentepanel moeten de gerapporteerde percentages op basis van deze bronnen met enige voorzichtheid worden geinterpreteerd.

Onderstaande informatie is ook terug te vinden in het factsheet 'De inzet van buursportcoaches voor het nationaal sportakkoord' van het Mulier instituut.

Inzet buurtsportcoaches voor thema's binnen inclusief sporten en bewegen

Buurtsportcoach-panel + gemeente

Sla de grafiek over en ga naar de datatabel

Aandacht voor minder actieve / kwetsbare groepen

In 2019 leverde 95% van de  ondervraagde buurtsportcoaches met hun werkzaamheden een bijdrage aan de ambities van het thema Inclusief sporten en bewegen. Alle ondervraagde gemeenten gaven aan dat buurtsportcoaches een bijdrage leveren aan dit thema. Uit beide bronnen bleek dat de meeste werkzaamheden zich richtten op sportstimulering van minder actieve of kwetsbare groepen. Gevolgd door het vergroten van de toegankelijkheid bij sportverenigingen en de toegankelijkheid bij overige sportaanbieders. Ongeveer een kwart hield zich bezig met het stimuleren van sociale diversiteit in kaderfuncties bij sportaanbieders.

Bron: Panel buurtsportcoaches najaar 2019 (Mulier Instituut)
              VSG-gemeentepanel december 2019 (Mulier Instituut/VSG)

Methode: De methode beschrijving is te vinden op de website van het Mulier instituut.
Nieuwe cijfers: 2021

Inzet buurtsportcoaches voor specifieke doelgroepen

Leeftijdsgroepen

Sla de grafiek over en ga naar de datatabel

Alle leeftijdsgroepen worden bediend

Zowel vanuit het buurtsportcoachpanel als vanuit de ondervraagde gemeenten (meetjaar 2019) bleek dat alle leeftijdsgroepen bediend worden door buurtsportcoaches. De ondervraagde gemeenten gaven aan vaker op verschillende leeftijdsgroepen in te zetten dan de ondervraagde buurtsportcoaches. Beide zetten vaak in op kinderen en jongeren. Daarnaast werden volgens de gemeenten buurtsportcoaches ook vaak ingezet voor de doelgroep ouderen. In de rapportage Monitor Brede Regeling Combinatiefuncties 2019 wordt ook de verdeling in fte gepresenteerd.

Andere Doelgroepen

Sla de grafiek over en ga naar de datatabel

Alle doelgroepen worden bediend

Het meerendeel van de ondervraagde  buursportcoaches gaf in 2019 aan dat de 'buurt' de voornaamste sector is waar zij werkzaam zijn. Via de buurt komen zij in aanraking met een groot aantal doelgroepen. Zowel vanuit de ondervraagde buurtsportcoaches als de gemeenten (meetjaar 2019) bleek dat alle doelgroepen bediend worden door buurtsportcoaches. Vanuit de ondervraage gemeenten waren dit met name personen met een lichamelijke beperking of aandoening, personen in een specifieke buurt, personen met overgewicht en inactieve personen. Vanuit de ondervraagde buurtsportcoaches bleek het met name te gaan om inactieve personen,  inzet in een specifieke buurt en personen met overgewicht. In de rapportage Monitor Brede Regeling Combinatiefuncties 2019 wordt ook de verdeling in fte gepresenteerd.

Bron: Panel buurtsportcoaches najaar 2019 (Mulier Instituut)
              Monitor Brede Regeling Combinatiefuncties 2019 (Mulier Instituut)

Methode: De methode beschrijving is te vinden op de website van het Mulier instituut.
Nieuwe cijfers: 2021

Inzet buurtsportcoaches voor gecombineerde leefstijl interventies (GLI)

Sinds januari 2019 wordt de Gecombineerde Leefstijlinterventie (GLI) vergoed door de zorgverzekeraar. Deze vergoeding geldt specifiek voor de interventies CooL, Beweegkuur en SLIMMER. Volwassenen met obesitas en overgewicht met een risicofactor (Diabetes Type 2, Hart en Vaatziekten, slaapapneu of artrose) komen in aanmerking voor deelname aan deze drie interventies. Zij krijgen gedurende twee jaar advies over en begeleiding bij gezonde voeding en eetgewoontes, gezond bewegen en gedragsverandering om een gezonde leefstijl te verwerven en te behouden.

Aandeel dat betrokken is

Sla de grafiek over en ga naar de datatabel

De helft van ondervraagde buurtsportcoaches is betrokken bij GLI 

Ongeveer de helft van de ondervraagde buurtsportcoaches (52%) zegt op enige manier betrokken te zijn bij de Gecombineerde Leefstijl Interventie (GLI). De vorm van betrokkenheid bij de GLI wordt toegelicht in de volgende tab.

Vorm van betrokkenheid

Sla de grafiek over en ga naar de datatabel

Buurtsportcoaches denken mee en verbinden bij GLI

De meeste ondervraagde buurtsportcoaches die betrokken zijn bij de GLI denken mee over passend sport- en beweegaanbod voor deelnemers aan de GLI (71%) of verbinden verschillende partijen zodat zij samen kunnen werken bij de uitvoering van de GLI (60%). Een kleiner aandeel buurtsportcoaches geeft aan dat zij gekwalificeerd zijn om de GLI aan te bieden (10%) en 6% voert de GLI op dit moment uit. Vanwege de recentelijke start van de GLI moeten de gerapporteerde percentages op basis van een gering aantal buurtsportcoaches met enige voorzichtheid worden geinterpreteerd.

Bron: Panel buurtsportcoaches najaar 2019 (Mulier Instituut)
Methode: De methode beschrijving is te vinden op de website van het Mulier instituut.
Nieuwe cijfers: 2021

Deelname aan jeugdfonds sport en cultuur

Jeugdfonds gemeentenkaart

 

tekst naast figuur

Bevorderen van sportdeelname van kinderen in achterstandssituaties

Het Jeugdfonds Sport & Cultuur maakt het mogelijk dat kinderen en jongeren uit gezinnen met (tijdelijk) minder geld, toch mee kunnen doen met voetbal, turnen, streetdance, judo, muziekles of een andere sportieve of creatieve activiteit. Voor die kinderen en jongeren betaalt het Jeugdfonds Sport & Cultuur de contributie / het lesgeld en in bepaalde gevallen de benodigde attributen. In 2018 zijn er in totaal 75.153 aanvragen voor een bijdrage voor sport of cultuur uit het Jeugdfonds Sport & Cultuur goedgekeurd.

Het jeugdfonds Sport & Cultuur is een landelijk initiatief. Daarnaast zijn er veel lokale initiatieven die op deze manier de sportdeelname van kinderen in achterstandssituaties bevorderen.

Relatief veel aanvragen in grote steden

De kaart geeft voor het jeugdfonds Sport & Cultuur per gemeente het aantal aanvragen per 1.000 kinderen en jongeren in de leeftijd van 4- tot en met 17 jaar weer. Relatief gezien kennen Breda, Vlissingen, Capelle aan den IJssel en Vaals de meeste aanvragen. Het gaat in alle vier gemeenten om meer dan 88 aanvragen per 1.000 kinderen. In het noorden van Nederland is er in bijna alle gemeenten een aanvraag voor het Jeugdfonds Sport & Cultuur ingediend. 

De interactieve kaart met de cijfers van elke gemeente is hier te vinden.

Bron: Jeugdfonds Sport & Cultuur, 2018
Nieuwe cijfers: 2020

Diversiteit in kaderfuncties bij sportverenigingen/bonden en beleid op diversiteit

Overzicht

Diversiteit in kaderfuncties (bestuur, coach/trainer) bij sportverenigingen en bonden en het beleid hierop worden gepresenteerd. Voor het diversiteitsbeleid in kaderfuncties wordt het aandeel verenigingen en bonden met een diversiteitsbeleid weergegeven. Met daarbij de verschillende doelgroepen waarop beleidsdiversiteit gericht wordt voor de verenigingen en bonden apart. Daarnaast wordt de actuele stand van zaken in diversiteit binnen het kader bij de verenigingen en bonden weergegeven. 

Beleid op diversiteit in kaderfuncties bij verenigingen en bonden

Kerncijfers

Sla de grafiek over en ga naar de datatabel

Bonden hebben vaker een diversiteitsbeleid

In 2018 gaf 65% van de 72 sportbonden aan specifiek beleid  te voeren om diversiteit en inclusie te bevorderen binnen het bondskader (bestuurders, trainers en coaches). Van de bevraagde sportverenigingen (totaal 485 verenigingen in 2018) gaf 19% aan rekening te houden met diversiteit bij de werving en keuze van bestuurders en/of trainers/coaches.

Op de websheet 'diversiteit in kaderfunctie' is aanvullende informatie te vinden.

Diversiteitsbeleid voor kaderfuncties gericht op verschillende groepen

Verenigingen

Sla de grafiek over en ga naar de datatabel

Beleid door verenigingen voornamelijk gericht op geslacht en leeftijd

Van de verenigingen met een diversiteitsbeleid richt zo'n 75% zijn kaderfunctiebeleid op diversiteit in geslacht en leeftijd. Enkele verenigingen vinden diversiteit in etniciteit (16%), beperkingen (6%) en seksuele voorkeur (3%) ook belangrijk.

 

 

 

Bonden

Sla de grafiek over en ga naar de datatabel

Beleid door bonden voornamelijk gericht op geslacht

De bonden met een diversiteitsbeleid richten hun beleid voor kaderfunctie voornamelijk op geslacht (56%) en leeftijd (40%). Daarnaast voert een kleiner deel van bonden met een beleid ook diversiteitsbeleid op ethniciteit (17%), beperking (14%), opleidingsniveau (10%) en seksuele voorkeur (8%).

 

 

 

BronVerenigingsmonitor 2018, Mulier Instituut
              Bondenmonitor 2018, NOC*NSFNederlands Olympisch Comité * Nederlandse Sport Federatie

Methode: Meer informatie over het verenigingsmonitor is hier te vinden. Meer informatie over de bondenmonitor is hier te vinden.
Nieuwe cijfers: 2020

Diversiteit in kaderfuncties bij verenigingen en bonden

Verenigingen - bestuur

Sla de grafiek over en ga naar de datatabel

Bestuurleden voornamelijk mannen tussen de 50 en 65 jaar

In 2017 zaten bij de verenigingen meer mannen (71%) in het bestuur dan vrouwen (29%). Van de bestuurleden was 37% tussen de 50 en 65 jaar, 29% 65 jaar en ouder, 21% tussen de 36 en 50 jaar en 14% onder de 36 jaar. Daarnaast had in 2018 10% van de verenigings minimaal 1 persoon met een migratieachtergrond in het bestuur. 

 

Verenigingen - trainers

Sla de grafiek over en ga naar de datatabel

Meer mannelijke dan vrouwelijke (hoofd)trainers

In 2018 waren trainers en hoofdtrainers voornamelijk mannen, respectievelijk 74% en 86%. Daarnaast beschikte 12% van de verenigingen over minimaal één trainer met een migratieachtergrond en 5% van de verenigigingen over minimaal één hoofdtrainer met een migratieachtergrond.

 

 

 

Bonden - bestuur

Sla de grafiek over en ga naar de datatabel

Het meerendeel van de bestuursleden is 50+

In 2017 bestond het bestuur van bonden voornamelijk uit bestuursleden van 51 jaar en ouder (61%).  Van alle bestuursleden bij bonden was 18% vrouw. Daarnaast heeft 28% van de bonden geen vrouw in het bestuur. De cijfers zijn de afgelopen 5 jaar onveranderd. Van de bondstrainers was in 2017 11% vrouw en 89% man. In 2019 was deze verhouding vergelijkbaar met 15% vrouw en 85% man.

 

BronVerenigingsmonitor 2017 en 2018, Mulier Instituut
              Bondenmonitor 2017 en 2019, NOC*NSFNederlands Olympisch Comité * Nederlandse Sport Federatie

Methode: Meer informatie over het verenigingsmonitor is hier te vinden. Meer informatie over de bondenmonitor is hier te vinden.
Nieuwe cijfers: 2020

Plezier beleven aan sport

Sportplezier naar achtergrondkenmerken

Sla de grafiek over en ga naar de datatabel

Waardering sportplezier varieert

In 2019 waardeerden Nederlanders van 4 jaar en ouder sportplezier verschillend voor zelf sporten, sporten volgen in de media en het bezoeken van sportwedstrijden en/of sportevenementen. Zelf sporten kreeg een 7 als rapportcijfer. Sporten volgen in de media een 6 en het bezoeken van sportwedstrijden en /of sportevenementen een 5.

Plezier beleven aan sport in de media krijgt van mannen een hoger cijfer dan van vrouwen. Voor de overige groepen is het rapportcijfer nagenoeg gelijk.
Zowel sportplezier bij zelf sporten als sportplezier bij het bezoeken van sportwedstrijden en/of sportevenementen krijgt een hoger rapportcijfer van mannen, kinderen en jongeren. Ouderen, mensen met een lager opleidingsniveau en mensen met een lichamelijke beperking geven dit een lager rapportcijfer. 

Sportplezier naar sport, beweeg en zitgedrag

Sla de grafiek over en ga naar de datatabel

Meer sportplezier bij zelf sporten en bewegen

Voor zowel het sportplezier bij zelf sporten, als bij het volgen van sport in de media en het bezoeken van sportwedstrijden en/of sportevenementen geven wekelijkse sporters een hoger rapportcijfer dan niet wekelijkse sporters. Mensen die voldoen aan de beweegrichtijnen geven een hoger rapportcijfer voor het sportplezier bij het zelf sporten en het bezoeken van  sportwedstrijden en/of sportevenementen. Het gebruikelijke zitgedrag zorgt niet voor een verschil in het beleven van sportplezier.

BronLSM-A Bewegen en Ongevallen/LeefstijlmonitorRIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, VeiligheidNL in samenwerking met CBSCentraal Bureau voor de Statistiek, 2019
Methode: De vraag of men plezier bleeft aan sport is gesteld aan alle respondenten van 4 jaar en ouder. Antwoorden werden gegeven op een schaal van 1 tot 10. 
Nieuwe cijfers: 2022