Deze pagina beschrijft de resultaten van de verkenning naar de invloed van maatschappelijke ontwikkelingen op sport en bewegen voor het thema sport- en beweegomgeving. Ook worden aandachtspunten voor beleid gegeven. Dit is de integratie van de resultaten van het Toekomstig verloop van de kernindicatoren en de Horizonscan per thema. De uitkomsten van de analyse van het toekomstige verloop staan centraal. Daarnaast worden deze uitkomsten ondersteund en aangevuld met bevindingen uit de horizonscan en literatuur.
Het thema sport- en beweegomgeving wordt hier omschreven als de mogelijkheden in de fysieke leefomgeving om te sporten, bewegen en spelen in termen van aanwezigheid, beschikbaarheid, bereikbaarheid, kwaliteit en duurzaamheid. Binnen dit thema worden twee kernindicatoren onafhankelijk van beleidsprogramma’s gevolgd over tijd:
- Beweegvriendelijke omgeving: De score van de openbare ruimte op de mogelijkheid voor mensen om te sporten en te bewegen.
- Sportaccommodaties: De dichtheid van sportaccommodaties per 10.000 inwoners.
Zie voor meer informatie over de gebruikte methoden het methoderapport.
Invloed van maatschappelijke ontwikkelingen
De drie maatschappelijke ontwikkelingen die door experts en stakeholders werden benoemd als meest van invloed op sport- en beweegomgeving waren een toename van verstedelijking, een toenemende vergrijzing en een toename in de sociaal-culturele diversiteit.
De uitkomsten van de simulatie van het toekomstig verloop van de kernindicatoren laten zien dat een toename van verstedelijking samenhangt met hoge waarden voor de beweegvriendelijke omgeving. Beperkte verstedelijking hangt samen met lage waarden voor een beweegvriendelijke omgeving.
De expertsessies van de horizonscan laten zien dat de kwaliteit van de sport- en beweegomgeving niet alleen wordt bepaald door de aanwezigheid van voorzieningen, maar ook door toegankelijkheid, bruikbaarheid en aansluiting bij uiteenlopende behoeften. In de expertsessies is benadrukt dat verstedelijking zowel kansen als spanningen met zich meebrengt: voorzieningen kunnen dichterbij komen, maar staan ook onder druk door ruimtegebrek, stijgende grondprijzen en concurrentie met andere functies. Daarnaast is gewezen op de groeiende betekenis van maatwerk in een meer diverse samenleving en op het belang van afstemming tussen ruimtelijk, sociaal en gezondheidsbeleid.
Gerelateerd aan verstedelijking werd in de expertsessies van de horizonscan ook gesproken over de ruimtelijke verdringing van met name grootschalige sportaccommodaties die als gevolg van de verstedelijking naar de randen van de stad verhuizen en daarmee minder onderdeel worden van de infrastructuur van de stad en vaak ook minder makkelijk bereikbaar zijn. Hetzelfde geldt voor de ruimte die beschikbaar is voor groen, water en extensieve recreatie. Ook deze komt bij verstedelijking onder druk te staan, maar dit biedt in sommige gevallen ook kansen voor een verhoging van de gebruikswaarde van deze plekken. Bij bewust beleid ten aanzien van de leefomgevingskwaliteit kan grondwaardestijging met zich meebrengen dat er ook meer geïnvesteerd wordt in een beweegvriendelijke inrichting en een goede gebruikswaarde voor parken en openbare ruimte. Daarbij werd wel de kanttekening gemaakt dat er een verschil is tussen stedelijk en landelijk gebied als het gaat om de sport- en beweegomgeving. Daar waar in de stad meer ruimte is voor een commercieel sportaanbod, maar minder ruimte is voor groen, geldt in landelijk gebied het omgekeerde. Hier zijn vaak meer mogelijkheden voor groen en recreatie, maar zijn er grotere afstanden tot voorzieningen en soms minder variatie in het aanbod.
De uitdagingen die verstedelijking geeft voor de sport- en beweegomgeving komt ook in de literatuur naar voren. Zonder extra aandacht zal de ruimte voor sport en bewegen eerder afnemen dan toenemen (Urhahn, Platform 31 en Urban Dynamics, 2025). De toenemende druk op de beschikbare ruimte in stedelijke gebieden vraagt om een betere benutting van de sportaccommodaties. Er moeten oplossingen gevonden worden om huidige accommodaties intensiever te gebruiken en om, ondanks de druk, nieuwe ruimte voor sport te creëren (Mulier Instituut, 2026). Het openstellen en verbreden van het gebruik van sportparken door andere doelgroepen kunnen hier aan bijdragen (Mulier Instituut, 2023).
De simulatie wijst naast verstedelijking naar gemeentelijke sportuitgaven en bevolkingsgroei (migratie) als belangrijke maatschappelijke ontwikkelingen voor de sport- en beweegomgeving. Deze ontwikkelingen werden in de expertsessies van de horizonscan niet geprioriteerd als de belangrijkste maatschappelijke ontwikkelingen.
De uitkomsten van de simulatie laten zien dat groeiende gemeentelijke sportuitgaven en een beperkte bevolkingsgroei (migratie) samenhangen met een hoge dichtheid van sportaccommodaties. Daardoor ontstaat meer ruimte voor behoud, uitbreiding en vernieuwing van voorzieningen per inwoner. Lage waarden treden juist op bij stagnerende of dalende gemeentelijke sportuitgaven en sterke bevolkingsgroei (migratie), waardoor het aantal accommodaties per 10.000 inwoners afneemt.
In een publicatie van het Mulier Instituut wordt benoemd dat voor de toekomstige behoefte aan sportaccommodaties informatie nodig is over ontwikkelingen in de bevolkingsomvang en -samenstelling, de sportdeelname en het accommodatiegebruik. (Mulier Instituut, 2023)
Voor de beweegvriendelijke omgeving geldt dat hoge waarden vooral optreden in scenario’s met hogere gemeentelijke uitgaven aan sport. Lage waarden hangen samen met lage gemeentelijke sportuitgaven.
In de expertsessies van de horizonscan werden een toenemende vergrijzing en een toename in de sociaal-culturele diversiteit naast verstedelijking aangemerkt als belangrijkste maatschappelijke invloeden voor het thema sport- en beweegomgeving. Deze maatschappelijke ontwikkelingen kwamen niet naar voren uit de simulatie.
In de expertsessies werd benoemd dat een toenemende diversiteit van de bevolking leidt tot een grotere diversiteit aan wensen, gebruikspatronen en behoeften. Daardoor wordt sport- en beweegbeleid meer maatwerk, en ontstaat het risico dat sommige plekken als minder toegankelijk worden ervaren (“voor een specifieke groep”). Ook werd opgemerkt dat toegankelijkheid, veiligheid, gebruikswaarde, betaalbaarheid en inclusiviteit niet automatisch leiden tot een betere sport- en beweegomgeving; ze hangen af van ontwerpkeuzes, beheer, sociale verhoudingen en samenwerking tussen beleidsterreinen
Andere invloeden
De uitkomsten van de simulatie van het toekomstig verloop van de kernindicatoren lieten geen andere belangrijke invloeden zien op de kernindicatoren binnen het thema sport- en beweegomgeving. In de horizonscan kwamen wel aanvullende invloeden naar voren.
Beweegvriendelijke omgeving en Sportaccommodaties
In de burgersessies kwam daarnaast naar voren dat een veilige, toegankelijke en aantrekkelijke leefomgeving een belangrijke voorwaarde is om daadwerkelijk te gaan bewegen. Daarbij werden vooral veilige wandel- en fietsroutes, nabijheid van voorzieningen en een omgeving die ook voor vrouwen, kinderen en ouderen prettig en bruikbaar is, als belangrijk genoemd.
Uit een verkenning naar de maatschappelijke waarde van een groene en gezonde leefomgeving bleek ook dat een groene omgeving stimuleert om te bewegen (RIVM, 2023).
Aandachtspunten voor beleid
Op basis van deze verkenning zijn een aantal aandachtspunten geïdentificeerd of bevestigd voor (toekomstig) sport- en beweegbeleid:
- Hogere gemeentelijke uitgaven aan sport leiden tot een hogere dichtheid van sportaccommodaties.
- Een toename van verstedelijking hangt samen met hoge waarden voor de beweegvriendelijke omgeving. Beperkte verstedelijking hangt samen met lage waarden voor een beweegvriendelijke omgeving.
- Beperkte bevolkingsgroei (migratie) hangt samen met hoge waarden voor de dichtheid van sportaccommodaties; sterke bevolkingsgroei hangt samen met lage waarden voor de dichtheid van sportaccommodaties.