Streefbeeld

In 2040 zijn we iedere dag lichamelijk actief. We voelen ons er lekker bij en het is ook nog eens goed voor ons lijf. Hoe, wanneer en met wie we sporten, dat bepalen we zelf. De openbare ruimte nodigt uit tot bewegen. En ook het beweegaanbod in virtual reality en augmented realityTechniek waarmee aan een weergave van de realiteit virtuele elementen kunnen worden toegevoegd. is onbegrensd. Voor iedereen is er wel een activiteit op maat, onafhankelijk van leeftijd of fysieke fitheid. Thuis volgen we onze favoriete lessen. Via sociale media delen we de passie voor sport en bewegen met gelijkgestemden over de hele wereld. Op ieder gewenst moment spreken we af met bekenden of onbekenden, om samen te sporten of een wedstrijdje te spelen. Onze kleding en accessoires monitoren onze bewegingen, hartslag en prestaties. Iedereen krijgt trainingsschema’s en sportadviezen op maat: overbelasting en sportblessures zijn verleden tijd.

Plezier in sport en bewegen begint al vroeg: kinderen gymmen iedere dag, onder leiding van een gezondheidscoach of health professional. Scholen, werkgevers en gemeenten geven iedereen de ruimte om te sporten en te bewegen. In dit perspectief zijn alle bewoners van Nederland in 2040 in beweging, ieder op zijn eigen manier.

Sport en bewegen in dit perspectief

In dit perspectief sport je en beweeg je vaak, met wie en wanneer jij wilt. Ook welke activiteit je kiest kan per dag verschillen. We sporten en bewegen voor een gezonde fysieke en mentale conditie, maar vooral omdat het gewoon erg leuk is, ontspant en je losmaakt van je dagelijkse sores.

Strategie gedragen door actieve burgers

Dit perspectief wordt gedragen door actieve burgers. Zij organiseren zelf activiteiten, vooral in netwerken en collectieven met gelijkgestemden. Gemeenten, verzekeraars en bedrijfsleven stimuleren een gezonde leefstijl, maar het is ieders eigen verantwoordelijkheid hier zelf vorm aan te geven.

Zo biedt iedere gemeente een fijnmazig netwerk van veilige fietsroutes, wandel- en jogpaden en mountainbikeroutes. Samen met verzekeraars en het bedrijfsleven zorgen gemeenten ook voor een wijd vertakt netwerk van openbare accommodaties waar je onder andere gratis kunt klimmen, shorttracken, baanwielrennen of golfsurfen. Of waar je inspirerende lessen kunt volgen in bijvoorbeeld yoga, vechtsport of basketbal, wanneer je maar wilt. Schoolpleinen zijn zodanig ingericht dat ze kinderen uitdagen te sporten en bewegen.

In het bedrijfsleven is veel zittend werk vervangen door werkzaamheden waarbij je kunt staan en bewegen. Werknemers kunnen op ieder moment een uurtje gaan sporten in de buurt van het bedrijf. Ouderen blijven lang actief, ook degenen met fysieke of mentale beperkingen, al dan niet met behulp van robots. Aan de hand van de monitorgegevens van het sport- en beweeggedrag bieden zorgverzekeraars en behandelaars maatwerk. Zo komen mensen die voldoende sporten en bewegen in aanmerking voor korting of voorrang bij een (preventieve) behandeling.

Medestanders voor actieve burgers

  • Health professionals, omdat er meer werk voor hen is in onderwijs, gezondheidscentra, bedrijfsleven en bij sportaanbieders.
  • Commerciële en niet-commerciële sportaanbieders met flexibel kwalitatief hoogstaand aanbod, omdat burgers graag gebruikmaken van en betalen voor hun aanbod en kennis om een gezonde leefstijl te bewaken.
  • Werkgevers, omdat zij te maken hebben met minder ziekteverzuim en productievere werknemers.
  • Verzekeraars, omdat de zorgkosten omlaag zouden kunnen gaan.
  • Stedenbouwkundigen en projectontwikkelaars, omdat zij meer aanbestedingen ontvangen en de ruimte hebben om de openbare ruimte sport- en beweegvriendelijk in te richten.
  • Verkopers en ontwikkelaars van gadgets en sportmaterialen als schoenen en fietsen, omdat de verkoop toeneemt.

Rekening houden met mogelijke weerstand

  • Mensen en organisaties die hun tijd, geld en aandacht liever anders besteden dan aan sport of bewegen. Bijvoorbeeld scholen liever meer lestijd aan rekenen, taal, muziek of kunst dan aan bewegingsonderwijs.
  • De ‘traditionele’ sportverenigingen en -bonden, omdat hun aanbod niet tegemoetkomt aan de flexibele sportvraag van autonome sporters.
  • Mensen met chronische aandoeningen of beperkingen, waardoor ze moeite hebben te voldoen aan voorwaarden voor een gezonde leefstijl.
  • De overheid, omdat zij zich moet herpositioneren in het sport- en beweegveld. Het grootste deel van de overheidsfinanciering gaat nu naar sportaccommodaties en de gebruikers daarvan (meestal verenigingen). De vraag is of zij via die weg haar beleidsdoelen nog kan realiseren.

Belangrijke dilemma’s binnen dit perspectief

Het belang van een gezonde leefstijl kan ook doorslaan, zie bijvoorbeeld de fitgirls. Er is dan zoveel aandacht voor een gezond en slank lichaam dat het niet meer gezond is – ongezond voedingspatroon, overtraind raken, verslaafd aan training/beweging.

Autonomie en flexibiliteit passen goed bij mensen die zelf informatie kunnen verzamelen en wegen en een plan maken (ook wel ‘denkvermogen’ genoemd, WRR 2017). Maar het vraagt ook om ‘doenvermogen’: in actie komen, met tegenslag omgaan en volhouden. Dit blijkt voor veel mensen (al dan niet tijdelijk) lastig (WRR 2017). Voor hen staan autonomie en gezondheid mogelijk op gespannen voet.